Nieuws

11 mei

Woning tandarts op de zaak

Een tandarts laat voor 3,6 miljoen euro een woning inclusief bedrijfsruimtes bouwen. Hij werkt er zelf één dag per week en in de weekenden. Een medewerker werkt er twee dagen per week. De overige dagen werken ze in een praktijkpand elders. De tandarts verwerkt de woning in zijn aangifte als ondernemingsvermogen. De Belastingdienst is het daar niet mee eens en krijgt van de rechtbank gelijk. De tandarts gaat in hoger beroep. Wat beslist het gerechtshof?

Het gerechtshof geeft de tandarts gelijk. Hij maakt met circa dertig argumenten aannemelijk dat aan de verwerving van het perceel grond en de bouw van de woning, en ook aan het gebruik ervan, niet uitsluitend privé-, maar ook belangrijke zakelijke overwegingen ten grondslag liggen. De woning heeft een volwaardige zakelijke functie ten behoeve van de beroepsuitoefening. Ook acht het gerechtshof aannemelijk dat de keuze van de tandarts om naast het praktijkpand ook in de woning bedrijfsruimte te gebruiken, is ingegeven door zakelijke overwegingen die de bedrijfsvoering ten goede komen.

Tip: Bij hogere bedragen neemt het spanningsveld tussen zakelijk en privé toe. Toch dient de Belastingdienst een zuivere afweging te maken. Laat u daarom niet afschrikken als de Belastingdienst wat al te snel uw zakelijke overwegingen in twijfel trekt. 

Lees meer
11 mei

Parttime loungerestaurant onderneming?

Naast haar 36-urige dienstverband bij een werkgever exploiteert een jongedame een Marokkaans loungerestaurant. Het is open van woensdag tot en met zondag van 17.30 tot 23.00 uur. De bedrijfsruimte huurt ze. In de periode van 2006 tot en met 2013 zijn alleen 2008 en 2013 licht winstgevend. Over de gehele periode was het verlies bijna € 140.000. Is het verlies aftrekbaar?

De Belastingdienst vindt van niet omdat geen sprake zou zijn van een bron van inkomen. De activiteiten zijn immers structureel verliesgevend. Bij de rechter voert de jongedame aan dat ook haar kwaliteiten en doorzettingsvermogen meegewogen moeten worden. Ook externe omstandigheden als conjunctuurgevoeligheid, de kredietcrisis en een geschil met de huurbaas acht ze van belang.

De rechter denkt daar helaas anders over. Het gaat erom of uit de activiteiten redelijkerwijs voordeel te verwachten viel. En dat acht de rechter niet aannemelijk. Dat (een gedeelte van) het verlies vooral te wijten is aan externe factoren die buiten de invloed van eiseres liggen, is daarbij niet relevant. De conclusie luidt dat ze het verlies niet in aftrek kan brengen.

Tip: Ondernemersverlies is fiscaal aftrekbaar als het voortvloeit uit een fiscale onderneming. Een onderneming is pas een fiscale onderneming  als uit de activiteiten redelijkerwijs voordeel kan worden verwacht. In geval van verliesgevende jaren zult u dat moeilijk aannemelijk kunnen maken. Maar het is niet onmogelijk. Zo heeft de rechter ooit een schapenfokkerij als bron van inkomen aangemerkt ondanks negen verliesgevende opstartjaren.

Lees meer
11 mei

Vakantiegeld uitbetalen

Betaalt u aan uw werknemers overwerkloon uit? Let dan op bij de berekening van het vakantiegeld. Sinds 1 januari 2018 heeft een werknemer ook recht op vakantietoeslag over het overwerkloon. Dus over de uitbetaalde overwerkuren moet u deze of komende maand ook 8 procent vakantietoeslag betalen. Er zijn meer aandachtspunten rond vakantiegeld.

Vakantiegeld wordt berekend over het brutoloon. Over een bonus, dertiende maand, winstuitkering of onkostenvergoeding hoeft u geen vakantiegeld te betalen. Het vakantiegeld moet uiterlijk in juni uitbetaald zijn. Als de werknemer ziek is, loopt de opbouw van het vakantiegeld door.

Tip: U mag op basis van bepaalde prestaties van werknemers extra vakantiegeld in het vooruitzicht stellen en uitbetalen. Een malus mag niet. U dient minimaal 8 procent vakantiegeld uit te betalen.

Lees meer
27 apr

Wet arbeidsmarkt in balans

Het kabinet wil het voor werkgevers aantrekkelijker maken om mensen in vaste dienst te nemen. Minister Koolmees komt daarom met een pakket aan maatregelen. Het is de bedoeling dat de nieuwe regels ingaan op 1 januari 2020. Wat zijn de hoofdlijnen?

Ontslag wordt ook mogelijk als er sprake is van een optelsom van omstandigheden. Nu moet de werkgever bewijzen dat volledig aan 1 van 8 in de wet genoemde ontslaggronden wordt voldaan. De nieuwe negende cumulatiegrond geeft de rechter de mogelijkheid omstandigheden te combineren. De werknemer kan een halve transitievergoeding extra krijgen (bovenop de transitievergoeding), wanneer de cumulatiegrond gebruikt wordt voor het ontslag.

Werknemers krijgen vanaf de eerste dag recht op een transitievergoeding, ook tijdens de proeftijd. De opbouw van de transitievergoeding wordt bij lange dienstverbanden verlaagd. Er komt een regeling voor kleine werkgevers om de transitievergoeding te compenseren als ze hun bedrijf moeten beëindigen wegens pensionering of ziekte.

De proeftijd voor vaste contracten gaat van 2 maanden naar 5 maanden.

De opeenvolging van tijdelijke contracten (de ketenbepaling) wordt verruimd. Nu is het mogelijk om aansluitend 3 contracten in 2 jaar aan te gaan. Dit wordt 3 jaar. Ook wordt het mogelijk om de pauze tussen een keten tijdelijke contracten per cao te verkorten van 6 naar 3 maanden als er sprake is van terugkerend tijdelijk werk dat maximaal 9 maanden per jaar kan worden gedaan. Daarnaast komt er een uitzondering op de ketenregeling voor invalkrachten in het primair onderwijs die invallen wegens ziekte.

Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die in dienst zijn bij de opdrachtgever, met uitzondering van pensioen waar een eigen regeling voor geldt.

Er worden maatregelen genomen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens 4 dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van 4 dagen kan bij cao worden verkort tot 1 dag.

De ww-premie wordt voor werkgevers voordeliger als ze een werknemer een vaste baan aanbieden in plaats van een tijdelijk contract. Nu is de hoogte van de ww-premie afhankelijk van de sector waarin een bedrijf actief is.

Tip: U kunt het conceptwetsvoorstel online raadplegen en desgewenst tot 7 mei 2018 een reactie insturen.

Lees meer
27 apr

Maandsalaris boete bij einde tijdelijk contract?

Een sales- en marketingmedewerker had een arbeidscontract voor bepaalde tijd dat eindigde op 31 december 2017. Op 20 november 2017 zei zijn directeur hem dat het contract niet zou worden verlengd, dat hij niet meer hoefde te komen, maar tot einde contract wel gebruik mocht maken van telefoon en auto. Eind van de dag ontving hij van zijn directeur een mail met daarin met name de tekst “Vervelend hoe het gelopen is (…) Graag ga ik op goede voet uit elkaar, zodat we elkaar in de toekomst nog vaak onder ogen kunnen komen.” Kost dit de werkgever een bruto maandsalaris?

De kantonrechter overweegt hierover het volgende. De werkgever moet de werknemer uiterlijk een maand voordat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt, schriftelijk informeren over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst. Doet de werkgever dit in het geheel niet, dan is de werkgever aan de werknemer een vergoeding verschuldigd van één maandloon. De aanzegverplichting dient ertoe zeker te stellen dat de werknemer tijdig op de hoogte is van de intentie van de werkgever om de arbeidsrelatie al dan niet voort te zetten, zodat daarover geen misverstand kan ontstaan en de werknemer in de gevallen dat dit nodig is tijdig op zoek kan gaan naar ander werk. De eis van schriftelijkheid is van dwingend recht en dient als waarborg om discussies over al dan niet gedane mondelinge toezeggingen of mededelingen, dan wel gemaakte afspraken, te voorkomen. In dit geval is de tekst van de e-mail geen ondubbelzinnige aanzegging.

Op deze zitting verklaart de medewerker desgevraagd dat het hem na dat gesprek duidelijk was dat het dienstverband niet zou worden verlengd. De kantonrechter stelt vast dat er voor de medewerker vanaf 20 november 2017 geen enkele onzekerheid bestond over het eindigen van de arbeidsrelatie, dat hij feitelijk al niet meer voor de werkgever werkte, en dat hij is gaan zoeken naar een andere baan (die hij ook heeft gevonden).

Onder deze omstandigheden vindt de kantonrechter dat de eis van een schriftelijke aanzegging geen waarborgfunctie heeft en dat een dergelijke aanzegging slechts een formaliteit vormt. Zijn conclusie is dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat de medewerker de aanzegvergoeding vordert.

Tip: Als werkgever bent u verplicht om beëindiging van een tijdelijk contract schriftelijk aan te zeggen, op straffe van een boete van een maandsalaris. Als echter vaststaat dat de werknemer al zeker weet dat het contract niet wordt verlengd, kan hij de boete niet opeisen. Het oordeel van de rechter daarover staat niet op voorhand vast. Doe daarom een tijdige en correcte schriftelijke aanzegging.

Lees meer
27 apr

Is uw huis een energiecentrale?

Een echtpaar koopt een perceel grond en laat er een huis op bouwen. Op het dak laten ze zonnepanelen installeren. Dat doen ze omdat ze van de gemeente moeten voldoen aan duurzaamheidsvereisten. Volgens het echtpaar vormt het pand nu een energiecentrale. Het gehele pand merken ze als zakelijk aan. Omdat 2/3 van de opgewekte energie tegen vergoeding aan het net wordt geleverd, is de woonfunctie beperkt tot 1/3 deel van de woning. Ze claimen op deze basis aftrek van de btw in de bouwkosten. De Belastingdienst corrigeert de aftrek.

De rechtbank volgt het echtpaar niet in hun redenering. Ze hebben een woning gebouwd om in te wonen. De omstandigheid dat het exploiteren van de zonnepanelen btw-ondernemerschap oplevert, leidt er niet toe dat de gehele woning moet worden gezien als een energiecentrale. Het gebruik van de woning onder het dak is ook niet gewijzigd door het plaatsen van de zonnepanelen. Het zou in strijd komen met het systeem van de wet als geen omzetbelasting zou drukken op een groot deel van het wonen, alleen omdat op het dak van de woning zonnepanelen zijn aangebracht.

Het dak van de woning heeft door de plaatsing van zonnepanelen ook een zakelijke functie verkregen voor de zonnepanelenonderneming. Het deel van het dak waarop de zonnepanelen zijn bevestigd is daarmee dienstbaar geworden aan de zonnepanelenonderneming. De btw-aftrek wordt bepaald door het aantal vierkante meters van het dak waarop de zonnepanelen zijn bevestigd te delen door  de vierkante meters nuttige ruimte binnenin de woning.

Tip: Partijen gaan tegen deze uitspraak in beroep. Mocht daar iets verrassends uitkomen, dan melden we dat. Intussen vindt u hier vragen en antwoorden over btw en zonnepanelen.

Lees meer

Wij maken gebruik van cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft.
Ik accepteer cookies van deze website.